De wereldbevolking in de toekomst

Er hangt een bevolkingsbeving in de lucht. Het is als met een aardbeving. Je weet dat er onderaardse krachten aan het werk zijn, maar niemand weet wanneer die tot uitbarsting komen, hoe zwaar, en waar de effecten zullen zijn, niemand kan het zeggen. Maar de voortekenen zijn er, de deskundigen zouden erop voorbereid kunnen zijn. Daarover gaat het boek ,,Volksbeving” van Fred Pearce, waar een mijner vrienden mij op attendeerde naar aanleiding van mijn stukje over het gelijk van Malthus.

Het boek is interessant, maar ook verontrustend. Het hoofdonderwerp is de bevolkingsontwikkeling in de verschillende landen in de wereld, in het verleden, in het nu en over de trends de trends die zich aftekenen. Het gaat om langlopende ontwikkelingen, wat zich nu aftekent heeft zijn impact groetendeels ver in de toekomst. En kan dan niet meer ongedaan worden gemaakt.

Uitgaande van het Malthusiaanse doemscenario is vanaf de negentiende eeuw in de westerse wereld een remmende bevolkingspolitiek op touw gezet die met name in de koloniën werd doorgevoerd. Het boek gaat uitgebreid in de methoden die daarvoor zijn ontwikkeld en toegepast. Met name in de engelstalige wereld kwam in de jaren voorafgaande aan de tweede wereldoorlog een zogenaamd wetenschappelijke ,,eugenetische” beweging op, die de last van geboortebeperking vooral legde bij de armen en minderbedeelden, om zo tegelijk te bereiken dat de voedselvoorziening zou worden veiliggesteld, het natuurlijk milieu beschemd en het menselijk ras veredeld. Het was onthullend bij lezing van het verslag hierover hoe dit streven elementen van racisme en discriminatie bevatte en daarmee vooruitliep op wat er in de jaren dertig en begin jaren veertig in Europa ten aanzien van de joden heeft plaatsgevonden.

Het verslag hierover is interessant, maar zegt nog niets over wat er te wachten staat. Malthus zei in feite niets over de mogelijkheid van natuurlijke schommelingen in het tempo van bevolkingsgroei of in de voedselvoorziening. Hij zag alleen maar dat de voedselvoorziening het tempo van de bevolkingsgroei niet kon bijhouden en dat dat tot een verarming zou moeten leiden met als resultaat ,,vice and misery”, behoudens dan de mogelijkheid van ,,moral restraint”, alias afremmende bevolkingspolitiek.

Het zag er inderdaad naar uit toen moeders in het midden van de twintigste eeuw nog dikwijls vijf of zes kinderen op de wereld zetten. Maar de statistieken laten zien dat de hoge vrouwelijke vruchtbaarheid van de baby-boom omstreeks 1960 is gaan dalen en is sindsdien blijven dalen. En dit niet alleen in de westerse wereld, maar ook in Azië, Afrika en het Midden-oosten.

We leven nu 70 tot 80 jaar later en aan de statistieken is te zien wat er is gebeurd. De wereldbevolking is blijven groeien, maar aan die groei is nu een einde gekomen. Ieder van over de 50 jaar heeft een periode meegemaakt waarin de wereldbevolking verdubbeld is. In de geschiedenis is dit nooit eerder gebeurd. De jonger dan 50-jarigen zullen echter een periode van dalende bevolkingsomvang meemaken, iets wat sinds de tijd van de Zwarte Dood niet meer is voorgekomen.

Laten we een en ander eens bekijken met een demografische blik, te beginnen met de baby boom: de bevolkingsexplosie na de tweede wereldoorlog, een feitelijke ontwikkeling waarvan de oorzaken er nu niet meer toe doen. Na de baby boom daalt de vruchtbaarheid van vrouwen geleidelijk en de prop van de baby-boom schuift naar de jongeren, daarna naar de oudere jongeren en daarna naar de jongere ouderen en tenslotte naar de grijze golf.

Wie naar het heden kijkt weet niet wat hij ziet. Is het toevallig dat een land als Japan het land met de meeste ouderen en dat de Japanse economie nu al een kwart eeuw niet meer groeit? Wie zorgt voor de grijze golf als de werkende beroepsbevolking in aantal achterblijft? En wat te denken waar de onrust in het Midden-oosten en Noord en midden Afrika en de migratiegolf naar Europa vandaan komt? Pearce’s boek opent een demografische doos van Pandora en allemaal ellende komt er uit.

Overal op de wereld is de vruchtbaarheid van vrouwen in een dalende lijn. Na een gemiddelde van vijf of zes kinderen per vrouw moet tegenwoordig gerekend worden met iets boven de twee die de voorwaarde vormt voor een constant blijvende bevolking en de trend is nog dalende.

We zien bijvoorbeeld in Siberië en Oost-Duitsland dat het land leegloopt. Ook op veel andere plaatsen is dat het geval. Daartegenover wordt in een aantal landen al weer overgegaan op een bevolkingspolitiek gericht op bevolkingshandhaving en dito groei. Pearce wijst er in zijn boek op dat het gerotzooi met instrumenten van bevolkingssturing zijn gevaarlijke kanten heeft, zowel het afremmen van bevolkingsgroei als het stimuleren ervan. De inleidende hoofdstukken ervan bevatten daarvan de meest gruwelijke verhalen.

Om niet met somberheid te eindigen mogen we stellen dat ertegenover staat dat meer vrijheid voor de vrouw om in vrijheid zelf te bepalen hoeveel kinderen zij op de wereld wil zetten op zichzelf een goed ding is al weten we niet van te voren waar het demografisch op uitloopt.

Geplaatst 19 mei 2017