Verder met Europa 1

Een van mijn vrienden schrijft mij:

HUIDIGE SITUATIE EN VOORUITZICHTEN IN EUROPA  

  1. Globalisering en glocalisering

 Het nationalisme en het daaraan ten grondslag liggende begrip ‘natie’ kent allerlei invullingen die ook heden ten dage in de politiek welig tieren; vaak weinig doordacht op voor- en nadeel en nog minder op mogelijke consequenties als er handen en voeten aan worden gegeven. In onze geglobaliseerde wereld staat de optimale mix van centraal-decentraal op alle bestuursniveaus ter discussie.

 Was het aanvankelijk een een kwestie van ‘think global and act local’ waarbij de modieuze term ‘glocal’ werd geïntroduceerd, steeds meer mensen vroegen zich echter af wat dat voor hun inhield, niet alleen in hun dagelijkse leefomgeving (denk aan de zorg), maar ook op regionaal, nationaal, Europees en zelfs wereldniveau. Binnen Europa en naar buiten wordt het voor elk land afzonderlijk, en in goede harmonie met elkaar, steeds moeilijker om tot een optimale besluitvorming te komen als het grensoverschrijdende problemen betreft, denk aan vrede en veiligheid, Bankenunie, energie en milieu.

 Het ‘subsidiariteitsbeginsel’ en de ‘glocalisering’ vragen om een nadere precisering met het oog op een meer democratisch gelegitimeerde besluitvorming, en wel op alle bestuurlijke niveaus.

Daarom lijkt het een goed tijdstip om eens de balans op te maken van datgene wat ons op dit punt vooral internationaal verder te wachten staat.

 Meer en meer trekt de verwording van de neo-liberale samenleving de aandacht. Steeds duidelijker wordt dat niet alleen alles met alles samenhangt in deze tijd van verdere globalisering, maar ook dat alles procesmatig dichter naar elkaar toe kruipt, zodat niemand zich er meer aan kan onttrekken. En men weet: het bloed kruipt dan vaak waar het niet gaan kan of mag.

Door de globalisering, de technologische ontwikkeling (met name ict en robotisering) en individualisering zijn er, veelal wereldwijd, processen op gang gekomen, die weliswaar grote voordelen maar ook grote nadelen met zich hebben meegebracht. Wat de nadelen betreft, vaak weinig doordacht en onbedoeld, maar deze nadelen hebben zich wel jaren, zelfs decennialang, opgestapeld tot het niet verder kon en er harde maatregelen moesten worden getroffen, die vaak, en zelfs nu nog worden uitgesteld. Met als schijnargument, het loopt toch allemaal lekker, en geen gezeik, allemaal rijk.

Maar de onderliggende kromme processen die de tovenaarsleerlingen bewust en onbewust over zichzelf hadden afgeroepen en die zij als supermanagers nog dachten te kunnen beheersen, werden bovenliggende processen en krachten die zich niet meer lieten wegcijferen en die tot ontlading kwamen. De neo-liberale samenleving met haar neo-klassieke marktideologie, dominant geworden na de val van het communisme in 1989, leidde tot een geopolitieke en economische overwinningsroes die zijn weerga vanaf WO II niet had gekend, uitmondend in de ICT bubbel van begin 2000, gevolgd door de grote financieel-economische crisis van 2007/2008 tot op heden, die nog lang niet is uitgewoed. Want de onevenwichtigheden in de wereldeconomie zijn nog lang niet bezworen, laat staan bedwongen. We leven nog steeds op te grote voet, de schuldenbergen worden nog steeds gefinancierd met geleend geld, tegen een kunstmatig laag gehouden rentestand en een kunstmatig in standgehouden kwantitatieve verruiming door de ECB. De financialisering van de wereldeconomie, een van de uitwassen van de economische globalisering; en de wereldwijde corruptie, die tot in de haarvaten van zowel de private als de collectieve sector van vrijwel alle landen (ook in Europa, zie bijvoorbeeld zeer recent Imtech en VW) is doorgedrongen, laten zien dat er ‘something rotten is in the state’. Zowel binnen als tussen de staten, zowel binnen de EU als daarbuiten, loopt het niet meer op rolletjes en het fatsoen en de moraal zijn ver te zoeken. De halve wereld: Zuid-Europese landen, Brazilië, Rusland, India, Rusland, China, en zelfs de VS moeten herstructureren en hervormen om het hoofd boven water te houden en te normaliseren.

 Het pleidooi om een ‘globaal surplus recycling mechanisme’ binnen Europa in te voeren om de betalingsbalansen van de verschillende landen meer met elkaar in evenwicht te brengen bij gebrek aan eigen valutakoersen, een idee dat Keynes in het verleden al eens eerder heeft voorgestaan, wordt steeds meer geopperd en zal op een gegeven moment serieus overwogen moeten worden, wil de Eurozone uiteindelijk kunnen overleven. Dit behoeft nog tot een complete financiële transferunie te leiden, laat staan een federale politieke unie.

 Nu iets over de vluchtelingen, de Grieken en onze moraal. De EU en de Eurozone, nog lang niet af van zijn financieel-economische en monetaire problemen, wordt bovendien nog belaagd door een vrijwel onoplosbaar (humanitair) vluchtelingenvraagstuk, waar zowel voor de korte als de lange termijn een oplossing zal moeten worden gevonden. Of het leuk is of niet, ook aan het oplossen van dit vraagstuk hebben onze economische belangen en onze goedbedoelde overmoed in het kader van de mensenrechten en ‘Arabische lentes’ helaas geen goed gedaan.

 Europa is bovendien in een wereld van geopolitieke macht en corruptie verzeild geraakt, ethiek en moraal worden nauwelijks meer gedeeld. Brievenbusondernemingen worden gefaciliteerd. Politiekers gedragen zich al naar gelang het hun uitkomt, als dominee dan wel als koopman. In Europa profiteren de noord-europese landen, vooral Duitsland, maar ook Nederland, van de exportoverschotten naar de zuidelijke landen, voor een groot deel op krediet, die als afbetaling op moeilijkheden stuit tot zulke stringente hervormingseisen leidt, dat zelfs als overduidelijk blijkt dat een land als Griekenland zelfs op termijn zijn schuldenberg nooit zal kunnen aflossen, dit toch wordt doorgezet. Zolang Griekenland lid is van de Eurozone voelt men zich helaas gedwongen het spel van pappen en nat houden verder te spelen, want er is zo langzamerhand geen alternatief meer te verzinnen, zonder in een complete chaos verzeild te raken. Het blijft dus kiezen uit de minst kwaden: There is No Alternative (TINA).

 Deze problematiek is overigens niet beperkt tot landen of regeringen. Zelfs een multinational als Shell, die voor het eerst met een TINA-scenario, overigens nog in goede tijden, aankwam, moet nu als gevolg van de structureel lage olieprijs er aan geloven de bakens te verzetten. Ook de milieu- en energiecrisis, waar de komende tijd hoge verwachtingen waargemaakt moeten worden, zal hiervan de gevolgen ondervinden. Uiteindelijk zullen we in de EU – te weten regeringen, politici en bevolking – bereid moeten zijn met zijn allen op een lager materieel, maar hopelijk hoger immaterieel welvaartsniveau te functioneren, of we het leuk vinden of niet.

 Ron Houterman

 Geplaatst 29 oktober 2015